Onze bijdrage bij de Algemene Beschouwingen
De politiek is er niet om te heersen, maar om te dienen. Te dienen met gezond verstand, met open vizier en met het besef dat wij hier zitten voor de mensen die dagelijks de gevolgen merken van ons handelen. Dat vraagt om nabijheid, maar óók om duidelijkheid. Om een bestuur dat niet alles belooft, maar wel doet wat het zegt. Juist dat besef lijkt de afgelopen jaren zoek te zijn geraakt. De afstand tussen papier en praktijk is té groot geworden. Te vaak zien inwoners plannen over hun wijk, hun straat, hun leefomgeving, maar herkennen ze zichzelf er nauwelijks in. Dat tast niet alleen het vertrouwen aan, maar ook het draagvlak dat zo hard nodig is om verder te komen.
Als inwoners het gevoel krijgen dat ze moeten opboksen tegen hun eigen gemeente, dan gaat er iets fundamenteel mis. Voor onze fractie draait goed bestuur dan ook om drie dingen: een bestuurscultuur die open en eerlijk is, met ruimte voor échte participatie in plaats van schijninspraak; een woonbeleid dat realistisch, betaalbaar en uitvoerbaar is, met respect voor de schaal en eigenheid van onze dorpskernen én een sociaal beleid dat niet wegkijkt van de werkelijkheid, maar mensen helpt om vooruit te komen.
Van wantrouwen naar vertrouwen
Wantrouwen heeft deze raadsperiode de boventoon gevoerd in het gemeentehuis, en dat hebben we op straat teruggezien. Te vaak zijn er keuzes gemaakt zonder nuchterheid en zonder gevoel voor wat mensen écht nodig hebben. Het gevolg daarvan zien we overal terug: regels en procedures zijn belangrijker geworden dan de mensen die dagelijks zorgen voor onze dorpskernen. Inwoners die op straat slapen – om welke reden dan ook – krijgen een boete in plaats van hulp. Sportverenigingen wachten al jaren op iets simpels als een vast contactpersoon die hun zorgen serieus neemt. Verenigingen die hun pand willen verduurzamen, krijgen keer op keer te horen dat het niet mag ‘omdat het van de gemeente is’. Initiatiefnemers moeten elk jaar opnieuw dezelfde stapel formulieren invullen voor een evenement dat ze al tientallen jaren met trots organiseren.
Al deze regels en procedures hebben onze inwoners tegen de muren van de gemeente doen botsen. Dat raakt aan de kern van onze bruisende samenleving, want juist onze verenigingen, vrijwilligers en betrokken inwoners houden Katwijk, Rijnsburg en Valkenburg draaiende. Zij willen niet alleen luisteren, maar meedenken, meepraten en samen keuzes maken. Zij willen verantwoordelijkheid nemen voor hun buurt of dorp. Wij kunnen niet eindeloos dingen van hen vragen, zonder dat wij – als gemeentebestuur – een andere grondhouding aannemen die recht doet aan hun inzet en hun kennis van de praktijk.
Onze fractie vindt dat het anders moet, omdat wij het normaal vinden om op een respectvolle manier met mensen om te gaan: niet meer “nee-tenzij”, maar “ja, mits”. Dat betekent dat onnodige regels en procedures geschrapt worden, zodat inwoners en verenigingen weer de ruimte krijgen om te ademen, bijvoorbeeld door meerjarige vergunningen af te geven en formulieren terug te brengen tot maximaal één A4’tje. Het betekent ook toegankelijkere en begrijpelijke dienstverlening, waarbij inwoners niet steeds van het kastje naar de muur worden gestuurd. En het betekent ook een radicaal andere invulling van participatie: niet meer kijken en luisteren terwijl anderen beslissen, maar vanaf het eerste moment samen aan tafel meebouwen aan de keuzes die je eigen straat of wijk raken.
Tegen dit licht dient onze fractie vandaag een aantal moties in die niet alleen recht doen aan onze dorpskernen, maar vooral aan de mensen die ze actief vormgeven en draaiende houden.
Grenzen aan ons woonbeleid
Het eerste referendum ooit in Katwijk heeft laten zien waar de grens ligt. Onze dorpskernen zijn geen bouwdozen, maar de afgelopen jaren is die indruk wél gewekt. Te vaak lag de nadruk op hoger, voller en sneller bouwen, en te weinig op hoe mensen in onze dorpen nog prettig kunnen wonen. Dat hebben onze inwoners tot in den treure gevoeld: de parkeerdruk is toegenomen, onze wegen zijn onveiliger geworden, het groen is verdwenen en de ruimte om tot rust te komen is schaarser. We hebben te weinig slim gebouwd.
Ieder huis dat we bouwen gaat over meer dan stenen. Het gaat over een stukje samenleving die we met elkaar vormgeven; over of je je kinderen nog veilig buiten kunt laten spelen; of buren elkaar nog kunnen groeten zonder dat er eerst een auto moet wijken. Over of je ’s avonds in het dorp nog de vogels hoort, of alleen het geraas van verkeer. Dat is wat mensen voelen als ze zeggen: “Het is vol genoeg.” Die zorgen moeten we als gemeentebestuur serieus nemen, want we kunnen de landelijke woningnood niet in ons eentje oplossen.
Onze fractie vindt dat we een andere koers moeten varen. Niet méér, maar béter bouwen. Leefbaarheid als vertrekpunt, niet als sluitpost. Dat betekent dat we grenzen stellen aan binnendorps bouwen en slimmer omgaan met wat we al hebben. Woningsplitsen en woningdelen moeten eenvoudiger worden en leegstaande ruimte boven winkels kan benut worden voor onze jongeren. Daarnaast moeten we anticiperen op de landelijke woonregels die eraan komen, zodat we als gemeente niet achter de feiten aanlopen, maar vooroplopen door direct te handelen.
Tegelijkertijd moeten we ervoor zorgen dat wie hier opgroeit, hier ook kan blijven wonen. Uit onderzoek blijkt dat binnen de betaalbare koopsector het overgrote deel van de woningen al naar Katwijkers gaat. Goed nieuws, maar er kan meer. Waarom is het bijvoorbeeld nog niet mogelijk om onze huurwoningen lokaal toe te wijzen?
Laten we daarbij ook niet vergeten waar we het allemaal voor doen. Leefbaarheid gaat ook over rentmeesterschap: over wat we doorgeven aan onze kinderen en kleinkinderen. De 3-30-300-groennorm die wij in het verleden hebben voorgesteld, vindt gelukkig steeds meer haar weg in het woningbouwbeleid, maar het mag ambitieuzer met meer bomen, meer schaduw en meer ademruimte in onze dorpskernen. Daarom dienen wij een motie in om uitvoering te geven aan de schaduwnorm uit de Europese Natuurherstelverordening, zodat natuur en leefkwaliteit hand in hand gaan.
Bouwen blijft nodig. Als we echter alleen in vierkante meters denken, verliezen we uit het oog waar het volgens onze fractie écht om draait: dorpskernen waar mensen willen blijven wonen met uitzicht op morgen.
Voor elkaar
De afgelopen jaren zijn voor veel inwoners zwaar geweest. Steeds meer mensen hebben moeite om rond te komen. Achter elke rekening schuilt een verhaal: gezinnen die het net redden, ouderen die de verwarming uitlaten en jongeren met een tweede baan. Onze fractie erkent dat veel hiervan samenhangt met landelijke keuzes, maar dat ontslaat ons niet van onze lokale verantwoordelijkheid. Randvoorwaarde voor wie wél kan bouwen aan de toekomst, is dat we zorgen voor

